Glaucus atlanticus1

Glaucus atlanticus

Wat?
Een mysterieus beestje.

Waar?
Wijd verspreid op social media.

Waarom?
Omdat zelfs ik niet wist wat het was. En mysteries zijn er om opgelost te worden. Anders gaan mensen nog denken dat de wereld onbegrijpelijk is, en allemaal belachelijke bovennatuurlijke verklaringen bedenken. Wetenschap to the rescue!

Een foto van dit wriemelende beestje in iemands hand stond een tijd geleden op social media. Het fascineert omdat het met zijn ”pootjes” lijkt op één of ander gewerveld dier, maar toch net anders. Het is geen vis zo te zien, maar dat wel? Reptiel? Gemuteerde salamander?

Glaucus atlanticus
Credits

Het is een zeenaaktslak. We associëren pootjes, vingertjes en kopjes niet echt met slakken, vandaar dat mensen het niet snapten. Het gemiddelde weekdier in de tuin is vaak een vies zacht hoopje slijm. Nou zijn sommige weekdieren best hoog ontwikkeld: inktvissen kunnen ingewikkelde problemen oplossen, passen intelligente jachttechnieken toe en hebben geavanceerdere ogen dan wij (geen gele vlek, omdat de zenuwen aan de andere, logische kant van het netvlies liggen). Bovendien kan een octopus zo groot als een kat zich (bij gebrek aan skelet) door een gaatje ter grootte van een golfbal wurmen, wat fantastisch is.

Terug naar deze zeenaaktslak. Glaucus atlanticus wordt niet langer dan 6 centimeter en leeft in de open oceaan aan het oppervlak. Voorzover ik kan vinden komt hij niet voor in de Noordzee. De “rug” van de slak met de typische tekening (camouflage) is eigenlijk de voet van de slak, hij zwemt dus ondersteboven.
Glaucus gebruikt zijn pootjes inderdaad om zich voort te bewegen. Het zijn eigenlijk uitstulpingen van de huid die cerata (“hoorns”) heten. Bij andere zeenaaktslakken worden ze vooral gebruikt voor gaswisseling, en soms als afleiding: de cerata vallen af als de slak wordt aangevallen, waarna ze het roofdier afleiden, net als de zwiepende losse staart van een hagedis.

Glaucus atlanticus
Credits

De Glaucus heeft de functie van zijn cerata dus uitgebreidt tot zwem- en stuurorgaan. Dat geeft hem voordelen in zijn habitat: het oceaanoppervlak, waar hij kwallen en andere slakken oppeuzelt. Zijn prooien kunnen meestal alleen passief drijven op de stroming of meezeilen met de wind, dus actieve zwemmers hebben een streepje voor.
De Glaucusslak oppakken is trouwens een slecht plan: de netelcellen van zijn prooien worden verzameld in de cerata en dienen daar als tweedehands wapen tegen predatoren. Aangezien dit slakje ook van het gevaarlijke Portugese Oorlogsschip smikkelt, is oppakken een erg slecht idee.

Credits cover image

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *