WalvisCover

Wandelwalvis (Ambulocetus natans)

Wat?
Een primitieve walvis met pootjes en een lelijke smoel.

Waar?
Pakistan, 45 miljoen jaar geleden.

Waarom?
Even kijken naar de bizarre evolutie van de walvis.

Ooit afgevraagd waar walvissen vanaf stammen? Het antwoord verbaast je misschien.

Walvissen zijn toffe dieren: superintelligent, zachtaardig, majestueus en vooral: lekker groot. Er is per walvis heel veel walvis om van te houden. Daarom voelt het redden van één walvis door Sea Shepherd belangrijker dan het loslaten van één nerts door het Dierenbevrijdingsfront (om er maar eens een stel dierenactivisten tegenaan te gooien). Beetje raar eigenlijk, want netto gaat het allebei om een enkel zoogdier.

Mooi bruggetje. Walvissen zijn zoogdieren, met in principe dezelfde organen als een landbewonende leeuw of olifant. Ze ademen lucht, bewegen hun lichaam op en neer (niet van links naar rechts, zoals vissen en reptielen) en hebben de hele reutemeteut van zoogdiereigenschappen: levende jongen baren, melk, haren enzovoort.

Kortom, er waren landzoogdieren die op een gegeven moment hun middelvinger hebben opgestoken, die in een flipper veranderd en terug het water ingewandeld zijn. Veels te droog, dat kloteland. Maar welke beesten hebben die sprong in het diepe gewaagd?

Ambulocetus
Credits

Check de Ambulocetus (“wandelende walvis”). Een soort otterkrokodil. Hij leefde vooral in moerassen en ondiepe zeeën, en joeg op vis of drinkende dieren, als een alligator. Bij deze soort hadden de achterpoten nog een functie bij de voortbeweging, later ontstond er een staartvin en waren ze niet meer nodig. Er zijn in India en Pakistan vrij veel soorten van deze protowalvissen gevonden, en je ziet elke latere soort meer op een walvis lijken. Heerlijk, zo’n mooi aansluitend evolutionair treintje.

Ambulocetus
Credits

Ambulocetus is nauw verwant aan de nijlpaarden en de varkens. Ooit was er blijkbaar een groep hoefdieren die aan oevers leefde, op vis joeg en steeds beter aangepast raakte aan hun habitat. De lange staart en de krokodilachtige bek lijken niet op hun plek, maar toch is de wandelwalvis technisch gezien een soort hoefdier. Net als al zijn afstammelingen natuurlijk.

Na 50 miljoen jaar zijn de zoogdieren dus terug in het water, en groter en slimmer dan welke stomme vis dan ook. De wandelwalvis, rondspartelend in zijn modderige riviertje, had niet kunnen dromen dat zijn nageslacht ooit in zulke superdieren zou veranderen:

Ambulocetus

Meer lezen

Hier een paar mooie reconstructies van primitieve walvissen
Ambulocetus op Wikipedia

Credits cover image

 

Facebooktwittergoogle_plusredditpinterestlinkedinmail

2 Comments

  1. Jeroen zegt:

    Gaaf beest! Maar waarom heeft die opgezette wandelwalvis klauwtjes in plaats van hoeven? Foutje? Of heeft ‘ie de hoeven eerst terug ingeruild voor klauwtjes, voor ‘ie besloot dat hele poot-gebeuren op te geven? Of zijn hoeven in de evenhoevigen sowieso meerdere keren los van elkaar ontstaan, en in de walvis-lijn niet?

    • DvdD zegt:

      Hij stamt af van primitieve hoefdieren, verwant aan het nijlpaard. Als je naar de voet van een nijlpaard kijk zie je dat de hoeven al een stuk kleiner zijn dan die van bv. een hert. De hoeven van de walvissenlijn zijn dus inderdaad steeds kleiner geworden en uiteindelijk verdwenen (want je hebt er zo weinig aan onder water).

      Bovenstaande reconstructie is denk ik speculatief, want hoeven/nagels fossiliseren niet heel goed (de botten in het laatste vingerkootje wel), dus we weten concreet niet wat Ambulocetus nou precies aan zn pootjes had. Check dit plaatje van de nog primitievere soort Pakicetus hoe de poten van primitieve walvissen eruit kunnen hebben gezien.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *